Betaald voetbal in Zwolle van 1980 tot 1999

Van PEC naar FC Zwolle

Door Tonie van Ringelestijn en Joël Groeneveld
mei 1999

Inleiding

Zwolle heeft een rijke en veelbewogen voetbalhistorie. In meer dan een eeuw dat er voetbal gespeeld wordt heeft Zwolle vele voetbalverenigingen gekend. Na fusies en faillissementen telt de Hanzestad op het moment van schrijven zeventien voetbalclubs. Enkele daarvan hebben zowel een zaterdag- als een zondagafdeling en er is één betaald voetbal organisatie, FC Zwolle. Twee clubs die heden ten dage een bescheiden rol spelen in het amateurvoetbal, ZAC en Zwolsche Boys, speelden ooit op een hoog niveau. ZAC (Zwolse Atletiek Club) kende haar hoogtijdagen in de beginperiode van het Zwolse voetbal. ZAC was een chique club van welgestelden en heeft de stap naar het betaalde voetbal nooit gezet. Zwolsche Boys speelde lange tijd in de hoogste klasse tot het in 1969 wegens grote schulden moest fuseren met aartsvijand PEC. Zwolsche Boys was de arbeidersclub en had vooral in de wijk Dieze zijn supporters.

PEC, de bekendste Zwolse club uit het betaald voetbal, werd op 12 juni 1910 opgericht uit een fusie tussen Prins Hendrik en Ende Dispereert Niet Combinatie. Het was de club van de Zwolse middenstand en PEC had door heel de stad supporters. Er was altijd rivaliteit tussen de twee supportersgroepen die elkaars bloed wel konden drinken. De Zwolse derby's tussen het verzorgd spelende PEC en de harde werkers van de Zwolsche Boys leverden vaak geweldige wedstrijden op met het publiek rijendik langs het veld. Na de fusie tussen PEC en Zwolsche Boys in 1969 behield de nieuwe club nog twee jaar de naam PEC. In 1971 veranderde dit in PEC Zwolle om de naam van de stad beter te promoten.

Eind jaren 70 brak eindelijk een nieuwe periode van sportief succes aan. In 1977werd de bekerfinale bereikt, waarin PEC Zwolle echter in de verlenging het onderspit moest delven tegen FC Twente. Na de verloren finale werd tot overmaat van ramp ook nog eens de promotie op 1 punt gemist in de reguliere competitie en in de nacompetitie zelfs op doelsaldo. Het jaar daarop was het wel raak: PEC Zwolle wordt kampioen van de eerste divisie. In het seizoen 1978/79 speelde PEC Zwolle dus voor het eerst in de eredivisie. Ondanks de sportieve successen wordt de geschiedenis van de club vooral gekenmerkt door schulden.

Dit artikel over de geschiedenis van het betaald voetbal in Zwolle vanaf 1980 tot heden hebben we ingedeeld in vier perioden. De eerste periode loopt van 1980 tot 1982. In dat jaar ging de club bijna failliet en volgde een naamsverandering in PEC Zwolle '82. Het tweede tijdsvlak van 1982 tot 1988 kan wel de periode Eibrink genoemd worden. Marten Eibrink investeerde in deze jaren miljoenen om topvoetbal naar Zwolle halen. In 1988 trok hij zich terug en kreeg PEC Zwolle '82 een nieuwe organisatiestructuur. Twee jaar later leek het betaald voetbal in Zwolle op sterven na dood. De opheffing van PEC Zwolle kon ternauwernood voorkomen worden, maar aan de naam PEC kwam een einde. Vanaf 1990 werd namelijk een nieuwe start gemaakt onder de naam FC Zwolle. Het laatste gedeelde van dit artikel is dan ook gewijd aan de periode van de zomer van 1990 tot de lente van 1999.

1980-1982: Slavenburgse Bank

De late jaren zeventig hadden een aantal mooie successen voor PEC Zwolle in petto. Helaas zat dit sportieve succes ook aan het begin van het einde van PEC Zwolle. Op weg naar de eredivisie in Nederland had Zwolle op zeer ruime voet geleefd. Voorzitter Jan Willem van der Wal was tevens directeur van de Slavenburgse bank. Door zijn functie als voorzitter kon hij veel geld van de Slavenburgse bank in Zwolle investeren. Topspelers, zoals Rinus Israël, werden naar Zwolle gehaald, maar hiermee kwamen ook de schulden. Jan Willem van der Wal laat de club achter met een schuld van circa 9 miljoen gulden. Toenmalig trainer Fritz Korbach hierover: “Toen wij in 1977/’78 promoveerden was dit ook een absolute must. Het jaar daarvoor had de club overal net naast gegrepen, met als dieptepunt het verlies tegen FC Twente in de bekerfinale. Het voetbal leefde niet in Zwolle, hoewel we een goede ploeg hadden met spelers als Koko Hoekstra, Ron Jans en Rinus Israël. In mijn laatste jaar diende zich een schuld aan van zes miljoen en een faillissement dreigde toen al. Marten Eibrink was toen al bij de club overigens.”

Marten Eibrink, steenrijke projectontwikkelaar met een hart voor PEC Zwolle. Daar waar andere geldschieters het laten afweten schiet hij toe. Zijn rol binnen de sanering van de schulden is van immens belang. Hij voorkomt voor de eerste maal de ondergang van PEC Zwolle.

1982-1988: De periode Eibrink

In 1982 wordt Marten Eibrink bereid gevonden de schulden van PEC Zwolle te saneren. Met een van de grootste schuldeisers, de Slavenburgse bank, later Credit Lyonnais, komt hij een regeling overeen. Zes miljoen schiet de bank er bij in, de overige schuld wordt afbetaald door Marten Eibrink. Met uitzondering van een bedrag van 750.000 gulden wat vast blijft staan als een renteloze lening. Verder houdt de regeling in dat Marten Eibrink de spelers van PEC Zwolle overneemt van de voetbalclub. Hij zal ze opnemen in zijn organisatie Eibrink Zwolle Promotion B.V. (EZP). Deze organisatie verhuurt de spelers vervolgens weer aan de club PEC Zwolle. Dit was overigens niet het laatste bestandsdeel van de regeling. Ook de voetbalclub zelf krijgt een andere structuur, wat tot uitdrukking komt in de naam: PEC Zwolle '82. Eibrink neemt ook de exploitatie van het stadion op zich. Hij kan dus wel beschouwd worden als eigenaar van de club op dat moment.

Om een beetje een indruk te krijgen wat voor een man deze Eibrink nu feitelijk is volgt nu een citaat van Gerard Schutte, auteur van het boek over de Zwolsche voetbalgeschiedenis ‘Meters buutenspel’. “Marten Eibrink heeft zo’n beetje in zijn eentje de laatste tien jaren van PEC bepaald. En daardoor heeft hij de public relations van de stad Zwolle in het landelijke circuit een geweldige stimulans bezorgd. Hij heeft de stad en zijn club naam en smoel gegeven. En verder bezit de stad door zijn bemoeienis een prachtig stadion, met alle comfort. Het mag een man zijn die kort voor de kop is, zijn manier van informatie geven, geeft wel duidelijk aan hoe de vlag erbij hangt. Een uiterst kleurrijke figuur, een lichtende boei in de vale zee van onze kleurloze maatschappij. Een mentale beauty van het zuiverste water.”

In de jaren die volgen ontpopt Eibrink zich tot een soort Sinterklaas met zeer veel hart en geld voor PEC Zwolle ’82. Hij koopt onder meer Johnny Rep, Kees van Kooten en Piet Schrijvers om het elftal nieuw leven in te blazen. Voor het eerst sinds 1937 lopen er dan weer internationals rond bij PEC. In de eerste jaren na de komst van Eibrink gaat het op sportief gebied uitstekend. De club is een subtopper op eredivisieniveau, maar in het seizoen 1984/’85 loopt alles mis.

Zwolle degradeert naar de eerste divisie, mede door een waslijst aan blessures. Eibrink begint ook steeds meer te twijfelen aan de levensvatbaarheid van een betaald voetbal organisatie in Zwolle. Het publiek, de gemeente, plaatselijke sponsors, allen tonen niet de liefde voor PEC die hij wel bezit. Bovendien wekt Eibrink door zijn machtspositie binnen de club veel wrevel op bij potentiële sponsors. Zijn manier van optreden binnen de club schrikt vele geldschieters bij voorbaat al af. Na een seizoen eerste divisie keert Zwolle terug naar het hoogste niveau. Nieuwste exponent van dit succes is onder meer Foeke Booy en de jeugdige trainer Co Adriaanse. De hernieuwde kennismaking maakt jammer genoeg weinig los in de stad. Na drie opeenvolgende seizoenen met elk een tekort van bijna één miljoen per jaar houdt Eibrink het voor gezien. De doorlopende kritiek op zijn persoon en uiteraard de geringe belangstelling van het publiek doen hem besluiten ermee uit te scheiden. Hij laat een club achter met een mooi stadion (Eibrink laat de nieuwe Johan Cruijff-tribune bouwen), maar met een wankele financiële basis.

1988-1990: post-Eibrink en ondergang PEC Zwolle

Met ingang van het seizoen 1988/'89 besluit Marten Eibrink de banden tussen zijn Eibrink Zwolle Promotion BV en PEC Zwolle '82 te verbreken. Dit gebeurde mede op advies van accountantskantoor KPMG die een reddingsoperatie op touw had gezet. Deze was er vooral op gericht om te komen tot een situatie waarbij PEC niet meer afhankelijk was van Eibrink. Tussen de club en Eibrink wordt dan ook een overeenkomst gesloten over de schuldensanering van de vereniging. De toen in aanbouw zijnde hoofdtribune zal nog wel volledig afgebouwd worden door EZP. Het spelersmateriaal wordt ondergebracht in een stichting contractspelers. De rol die Eibrink in deze stichting speelde, blijft onduidelijk. Ondanks de grote tekorten van de voorgaande jaren denkt de club voor het seizoen 1988/'89 een sluitende begroting te halen.

Maar het loopt anders. Ondanks een veelbelovende start eindigt PEC Zwolle op een zestiende plaats, wat degradatie naar de eerste divisie betekent. Vervolgens verkoopt EZP voor anderhalf miljoen aan spelers. Er klinken ernstige verwijten richting Marten Eibrink. Die verweert zich door uit te rekenen dat hij sinds 1982 400 duizend gulden verlies heeft geleden met de aan- en verkoop van spelers. Ondertussen lopen de schulden van de vereniging alsmaar op. Het Zwolse zakenleven maakt de verwachtingen niet waar. Veel bedrijven wachten met investeren in de club, omdat de naam Eibrink nog altijd onlosmakelijk met PEC verbonden is. De reddingsoperatie van KPMG is niet echt van de grond gekomen.

In oktober 1989 vreest Eibrink dat zijn investeringen in de club, in totaal zo'n 10 miljoen gulden, door het bestuur verkwanseld worden. Hij vraagt organisatiedeskundige Gaston Sporre als puinruimer. In december brengt Sporre advies uit. Volgens hem was er onvoldoende discipline op het gebied van de financiën. ,,Er was niet echt een financiële huishouding die uitblonk in overzichtelijk. Omdat er geen goede structuur was, voelde niemand zich echt meer verantwoordelijk voor de zaak. Dan worden er maar dingen gedaan, en de schulden blijven maar oplopen,'' aldus Sporre. Ook vond hij dat de club op dat moment uit 'allerlei onafhankelijk opererende circuits' bestond.

Sporre wordt begin januari 1990 voorzitter van PEC Zwolle, nadat het voltallige bestuur was afgetreden. Hij krijgt de volmacht om op zoek te gaan naar nieuwe bestuursleden. Meteen komt hij in aanvaring met de BOSS-club (Bedrijven en Ondernemers Sociëteit 'Swoll'), een vereniging voor zakenmensen. Sporre legt tijdens een vergadering van de BOSS-club uit dat deze club alleen voort kan bestaan onder de paraplu van PEC Zwolle. De meerderheid van de BOSS-club is het daar niet mee eens en Sporre loopt boos weg. PEC Zwolle-manager Nijmeijer moet bedelen om geld bij de BOSS-club, zodat de salarissen uitbetaald kunnen worden. Sporre: ,,De BOSS-club was voortgekomen uit de operatie van KPMG en was bedoeld om geld te genereren, omdat de geldstroom van Eibrink ophield. Maar dat lukte niet echt. Het was de bedoeling dat sponsors geld zouden brengen naar de BOSS-club, die dit geld vervolgens zou doorsluizen naar de vereniging. De BOSS-club wilde echter pas het geld geven als ze zeker wisten dat er goede dingen mee gebeurden. Het was in die tijd alleen geen kwestie van geld verspillen: al het geld was nodig om de salarissen te betalen. En bovendien wilden de fiscus, de banken en de crediteuren geld zien van de club.''

Eind maart 1990 verkeert PEC Zwolle in staat van faillissement. Aanleiding is een schuld van 750.000 gulden die Credit Lyonnais opeist. De schuld dateert uit 1982, toen de Slavenburgse bank die later werd overgenomen door Credit Lyonnais, een miljoenenverlies had geleden door PEC Zwolle. Het bedrag van 750.000 gulden bleef hiervan over en zes jaar lang had het geld geparkeerd gestaan zonder dat PEC Zwolle daar rente over hoefde betalen. PEC Zwolle liep al een sanering van een half miljoen mis. Penningmeester De Rooy had bereikt dat de schuld teruggebracht zou worden naar 250.000 gulden, mits dit bedrag voor 1 januari 1990 betaald zou worden. De Rooy liet de aanbieding uiteindelijk lopen, omdat de club het bedrag niet kon betalen. De bank houdt vervolgens voet bij stuk. Eind maart 1990 heeft de club nog een schuld van 690.000 gulden. Credit Lyonnais probeert tot een compromis te komen waarbij Eibrink 230.000 gulden zou moeten betalen. Eibrink weigert dit, omdat hij op dat moment al lang niets meer met de club te maken heeft. De rechter verklaart de club, die op dat moment een totale schuld heeft van 6,5 miljoen gulden, op verzoek van Credit Lyonnais failliet.

Door de rechtbank wordt curator J.C. Westmaas aangesteld. Hij zal de sanering op zich nemen waarbij hij er naar zal streven om PEC te laten overleven. Er wordt besloten dat PEC Zwolle in ieder geval de lopende competitie zal afmaken. De salarissen van de spelers worden voorlopig betaald uit een waarborgfonds van de KNVB. PEC-voorzitter Sporre mobiliseert een onderzoeksteam. Deze Commissie Voortbestaan PEC Zwolle '82 zal onderzoeken wat het kost om de club zelfstandig en in goede staat op eigen benen te zetten en hoe de benodigde financiële middelen hiervoor op tafel kunnen worden gebracht.

Curator Westmaas stuurt een brief naar alle crediteuren waarin hij hun een voorstel voor een akkoord doet. Het geld dat hiervoor is komt van de gemeente die een achtergestelde lening van 300.000 gulden en een borgstelling van 900.000 gulden geeft. Ook koopt de gemeente Zwolle voor een bedrag van 2,5 miljoen het Oosterenk Stadion van Marten Eibrink's EZP. Zestig van de 78 crediteuren reageren positief op het voorstel van de curator. Maar aangezien deze crediteuren niet tweederde van de schuld vertegenwoordigen, is het faillissement nog steeds niet van de baan. De twee grootste schuldeisers, Marten Eibrink en Credit Lyonnais, hebben dan nog niet gereageerd. Eibrink, die al had verklaard dat het niet aan hem zou liggen als de club failliet zou gaan, trekt zijn vorderingen op de club in. Hij verliest hierdoor maar liefst 4,5 miljoen en redt in eigen persoon opnieuw PEC Zwolle van de ondergang. De vordering van Credit Lyonnais wordt verminderd tot 102.000 gulden. Bovendien bleek dat de club nog geld te goed had. Van sponsors die nog niet betaald hadden, van de gemeente die nog een subsidie moest geven en van de BOSS-club. Deze vereniging had bijvoorbeeld meerdere stoelen op de Johan Cruyff-tribune gekocht, maar het geld ervoor nooit overgemaakt naar de club.

FC Zwolle: van moeizame start tot gezonde club

Al voordat het faillissement definitief beëindigd werd heeft de Commissie Voortbestaan geconcludeerd dat door de naam PEC definitief een streep gezet dient te worden, omdat dat nog te veel herinneringen zou oproepen aan het verleden. Om helemaal met een schone lij te kunnen beginnen worden ook de kleuren van het tenue en het logo van de nieuwe club, FC Zwolle genaamd, veranderd. Het wapen van Zwolle gaat als logo dienen en het tenue van FC Zwolle krijgt als kleuren blauw-wit met een shirt met verticale strepen. Dat de nieuwe club een moeilijke start kent is niet verwonderlijk te noemen. De schuldenlast bedroeg nog altijd 1,2 miljoen gulden in de vorm van een lening van de gemeente. ,,Dat was een bedrag dat ons jarenlang voor de voeten heeft gelopen,'' vertelt Sporre. ,,Voor een club die weer opnieuw moet beginnen was op een begroting van 1,8 miljoen een schuld hebben van 1,2 miljoen eigenlijk te bizar voor woorden.''

Sportief gezien kende FC Zwolle ook niet zo'n goede start. De eerste twee seizoenen eindigt de club troosteloos onder in de eerste divisie. Ook de publieke belangstelling voor de club valt tegen. Maar na het seizoen 1992/93 keert het tij. In de nacompetitie wordt de promotie nipt gemist en in de kwartfinale van de KNVB-beker verliest Zwolle na het nemen van strafschoppen van Feyenoord. Een jonge ploeg brengt prima voetbal op de velden. Uit de eigen jeugd en van omringende amateurclubs komen talenten als Jaap Stam (tegenwoordig international), Henri van der Vegt, Bert Konterman en Johan Hansma. Zij worden al snel naar het hoogste niveau getransfereerd. De club heeft volgens voorzitter Sporre veel baat gehad bij de transfers. ,,We hebben nooit spelers met plezier verkocht, maar uit pure noodzaak. Door het verkopen van goede spelers zijn we er weer een beetje bovenop gekomen.'' Ook het aantal sponsors stijgt in de loop der jaren. De club begon met veertig sponsors, maar tegenwoordig zijn dit er al meer dan honderdvijftig.

De laatste jaren levert FC Zwolle wederom enkele sportieve successen aan de Ceintuurbaan. Zo bereikt Zwolle in 1997 en 1999 de kwartfinale om de Amstel Cup (voorheen KNVB-beker), waarin het zijn meerdere kende in Roda JC en Ajax. Met het plan Ceintuurbaan 2000 wil de club in drie jaar terug naar de eredivisie. Twee jaar op rij kan in de nacompetitie echter geen promotie afgedwongen worden. De toeschouwersaantallen van FC Zwolle hebben tot nu toe niet het niveau gehaald van de jaren waarin PEC Zwolle eredivisie speelde. ,,Een groot aantal mensen komt meestal pas als er resultaten zijn. Bovendien heb je in Zwolle en omgeving te maken met veel grote zaterdag amateurclubs. Het wordt in deze streek bij die clubs minder normaal dat je ook naar een betaald voetbalclub als Zwolle gaat dan elders.''

Desalniettemin ziet de toekomst van FC Zwolle er gunstig uit. Bedrijfstakonderzoek wees uit dat Zwolle een potentievol achterland heeft voor betaald voetbal. Een absolute voorwaarde voor de toekomst vindt Sporre een nieuw stadion. ,,Als de gemeente ervoor kiest om verder te gaan met het betaald voetbal, dan betekent dat onvoorwaardelijk dat de accommodatie op de schop moet. In de toekomst is het noodzakelijk om een multifunctioneel stadion te hebben met goede faciliteiten en een goede infrastructuur er omheen.''

Conclusie

Sinds begin jaren '80 heeft PEC Zwolle te kampen gehad met financiële problemen. In 1982 moet Marten Eibrink al persoonlijk inspringen om PEC Zwolle van een faillissement te redden. In de acht jaren die volgen investeert de projectontwikkelaar miljoenen in de club. Hij is dan in feite eigenaar van de club geworden, omdat hij het spelersmateriaal en de accommodatie in zijn bezit heeft. De machtige positie van Eibrink schrikt veel potentiële sponsors af. Ook de gemeente geeft weinig steun aan PEC Zwolle, dat de schulden elk jaar ziet oplopen. In 1988, na 3 opeenvolgende jaren met een tekort van 1 miljoen, verbreekt Eibrink officieel de banden met PEC Zwolle. Het zakenleven wacht echter nog steeds met investeren in de club. Dit leidt ertoe dat PEC Zwolle zich begin 1990 op de rand van een faillissement bevind.

De nieuwe voorzitter, organisatiedeskundige Gaston Sporre, probeert nog te redden wat er te redden valt. Toch verklaart de rechter de club eind maart failliet, omdat een van de grootste crediteuren (Credit Lyonnais) hun geld opeist. Een curator moet vervolgens de schulden saneren. Grootste crediteur is Marten Eibrink, maar hij scheldt de club een schuld van 4,5 miljoen gulden kwijt. Hij redt hiermee opnieuw het betaald voetbal voor Zwolle. De club, die sindsdien FC Zwolle heet, kan met een schone lei beginnen. Na een aantal jaren komt de nieuwe club uit de rode cijfers.

Samenvattend kan gezegd worden dat de periode rond de faillissementszaak van PEC in 1990 van groot belang is geweest voor het betaald voetbal in Zwolle, omdat er een frisse start kon worden gemaakt. Daardoor kwamen er weer veel nieuwe sponsors en lijkt de toekomst van het betaald voetbal in Zwolle momenteel gunstiger te zijn dan ooit.

Bronnenlijst

Interview
Interview Tonie van Ringelestijn en Joel Groeneveld met Gaston Sporre (Zwolle, hoofdkantoor Groene Land Verzekeringen, 14 april 1999).

Krantenartikelen
Sporre nieuwe voorzitter PEC, Zwolse Courant, 6 januari 1990, pag. 19.
Actie 'Schoon schip' bij PEC kan van start, Zwolse Courant, 13 januari 1990, pag. 31.
Doek gevallen voor PEC Zwolle, Zwolse Courant, 21 maart 1990, pag. 1.
Spelers niet in uitverkoop, Zwolse Courant, 22 maart 1990, pag. 23.
Speciale PEC Zwolle-pagina, Zwolse Courant, 23 maart 1990, pag. 13.
'Het zal niet aan mij liggen', Zwolse Courant, 28 maart 1990, pag. 21.
PEC richt blik op toekomst, Zwolse Courant, 29 maart 1990, pag. 17.
PEC krijgt nieuwe naam, Zwolse Courant, 10 april 1990, pag. 16.
Gemeenteraad redt PEC Zwolle, Zwolse Courant, 8 mei 1990, pag. 1.
Schuldeisers reageren positief op aanbod PEC, Zwolse Courant, 9 juni 1990, pag. 21.
PEC bestaat al lang niet meer, Zwolse Courant, 20 juni 1990, pag. 11.
'Nuchter verder met FC Zwolle', Zwolse Courant, 28 juni 1990, pag. 19.

Tijdschriftenartikelen
Krabbendam, M., 'Voetbalstad Zwolle', Voetbal International 33 (1998) nr. 11, pag. 76-79.
Voetbal International Seizoenspecials 1994-1998.
'Sporre', Onder de Peperbus 1 (1999) nr. 2, pag. 7-10.

Overige bronnen
P.E.C. Zwolle '82, de nieuwe organisatiestructuur (Zwolle 1988).
Officiële internetsite FC Zwolle: www.fczwolle.nl.



© Tonie van Ringelestijn en Joël Groeneveld


www.tonie.net